Rijksmuseum van Oudheden – IJstijd

Tentoonstelling: IJstijd
Ontwerpbureau: Synergique
Looptijd tentoonstelling: 11 oktober 2014 – 10 mei 2015
Looptijd bezoekersonderzoek: oktober – november 2014

Over de casestudie

Over het museum
Bij de oprichting in 1818 fungeerde het Rijksmuseum van Oudheden (RMO) in eerste instantie als ‘archeologisch kabinet’ van de Universiteit Leiden. In de negentiende eeuw groeide de collectie met vooral voorwerpen uit de Klassieke Oudheid en het oude Egypte. Sinds 1 juli 1995 is het museum een zelfstandige stichting die het archeologische deel van de rijkscollectie beheert en tot taak heeft deze voor een groot publiek toegankelijk te maken. De huidige directeur van het Rijksmuseum van Oudheden is Wim Weijland. De collectie van het RMO richt zich op de oudheid en archeologie en bestaat uit circa 180.000 objecten, verdeeld over vier verzamelgebieden: 1) Egypte, 2) de Klassieke Oudheid (Grieken, Romeinen, Etrusken), 3) het Oude Nabije Oosten en 4) Nederland (prehistorie, Romeinse tijd, middeleeuwen).

IJstijd
Zo’n 100.000 jaar geleden verspreidde de ‘ijstijdmens’ zich vanuit Afrika over de rest van de wereld. Hij ontwikkelde technieken, paste zich aan barre omstandigheden aan en leidde een leven vol rijke symboliek, waarin kunst een cruciale rol speelde. Deze belangrijke periode vormde het onderwerp van IJstijd, een kinderexpositie die op 11 oktober 2014 in het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden geopend werd.

Verhalende tentoonstelling
Een belangrijk aandachtspunt van de makers was dat de jonge bezoekers voldoende middelen zouden hebben om het leven van de ijstijdmens te kunnen begrijpen. Om die reden heeft het museum Harmen van Straaten een verhaal laten schrijven waarin twee ijstijdkinderen, Bor en Veer, allerlei avonturen meemaken. Dit verhaal vormde de basis van de tentoonstelling en was op chronologische volgorde te lezen op verschillende plekken in de tentoonstelling. Anna de Wit, projectleider van IJstijd, vertelt hierover: “Als ik zelf een tentoonstelling bezoek, wil ik op het einde het gevoel hebben dat ik een ‘afgerond’ iets heb meegemaakt, dat de objecten die ik zie en dingen die ik meemaak een logisch verband met elkaar hebben. Uiteindelijk wil ik een beleving neerzetten en dingen daarin plaatsen die bijdragen aan die beleving. Een goede samenwerking tussen de inhoudelijke expert en publieksafdelingen is daarom ook heel belangrijk.”

Zelf jager/verzamelaar worden
De kinderen werden ook zelf uitgenodigd om, net als Bor en Veer, een jager of verzamelaar te ‘worden’. Door  een vijftal proeven te doen die gerelateerd waren aan het verhaal en deze vervolgens af te stempelen, behaalden de kinderen uiteindelijk hun ‘IJstijd-diploma’. De tentoonstelling was, zo stelt het jaarverslag van het museum, een “onverwacht succes”: in de herfstvakantie van 2014 bezochten 17.000 bezoekers IJstijd, waarvan meer dan 5.000 kinderen.

Resultaten

In het onderzoek zijn de meningen van 63 kinderen en 32 volwassenen opgenomen. Daarnaast zijn bijna 800 observaties uitgevoerd. Zowel de ouders als de kinderen gaven aan (zeer) enthousiast te zijn over de tentoonstelling, waarbij ouders vooral tevreden waren over de educatieve waarde van de tentoonstelling (97%). Daarnaast was men erg te spreken over de vormgeving van de tentoonstelling.

Uit de observaties komt naar voren dat families verschillende routes lijken af te leggen:

  1. De kennisroute: vooral voor ouderen en senioren, die op zoek gaan naar informatie.
  2. De activiteitenroute: voor kinderen die vooral veel willen doen, stempelen en dan klaar zijn.
  3. De stempelroute: een aantal kinderen richt zich alleen op het verzamelen van stempels.
  4. De verhalenroute: gezinnen die de narratieve lijn volgen.

Lees het hele rapport: Rapportage Rijksmuseum van Oudheden

Recommended Posts